night2

“Het zal gebeuren, als uw zoon u morgen vraagt: Wat is dit? Dat u tegen hem zult zeggen: de HEERE heeft ons met sterke hand uit Egypte, uit het slavenhuis, geleid.” (Exodus 13:14)

Het getal vier speelt een belangrijke rol in het Judaïsme. Er zijn de vier soorten groenten voor het Loofhuttenfeest; vier koninkrijken in het boek Daniël; vier teksten van de Thora in de ‘batiem’ (doosjes) van de gebedsriemen, vier matriarchen (stammoeders). Bij Pesach vinden we dit getal veelvuldig terug. In de loop van de Sederavond hebben we vier zonen, vier bekers wijn, vier uitdrukkingen voor bevrijding (Exodus 6:6-7) en misschien het meest beroemde viertal: de vier vragen.

Zoals de Seder zich door de eeuwen heeft ontwikkeld, hebben de vier vragen veel veranderingen doorgemaakt en werden ze aangepast als zich nieuwe situaties voordeden.(1) Zo was er oorspronkelijk bijvoorbeeld een vraag waarom wij gebraden vlees aten.(2) Na de verwoesting van de tempel werd die vraag verwijderd en vervangen door een vraag over het ‘leunen’. Vandaag de dag worden de vier vragen (in de vorm van observaties) door het jongste kind in het gezin gesteld:

Waarom is deze avond anders dan alle andere avonden?
Alle andere avonden mogen we of chametz (zuurdesembrood) of matses (ongezuurd brood zonder gist) eten; deze avond alleen matses.
Alle andere avonden eten we allerlei soorten groenten; deze avond moeten we bittere kruiden (maror) eten.
Alle andere avonden dippen we zelfs niet één keer in, deze avond twee keer.
Alle andere avonden eten we in zittende of leunende houding; deze avond zitten we allemaal leunend.

Vader legt dan het verhaal van Pesach uit.

Er zijn andere vragen die de rabbijnen eveneens gekozen zouden kunnen hebben. In de geest van de rabbijnse aanpassingen zijn hier wat extra vragen om over na te denken, voor zowel kinderen als volwassenen.

Waarom plaatsen we drie matses samen in één doek?

Dit is een onderdeel van meerdere tradities. Volgens één traditie vertegenwoordigen zij de drie klassen mensen in het oude Israël: de priesters, de levieten en de Israëlieten. Een andere traditie leert dat zij de drie patriarchen symboliseren, Abraham, Izak en Jakob. Nog een andere verklaring is dat het de ‘Drie Kronen’ uitbeeldt: de kroon van profetie, de kroon van het priesterschap, en de kroon van het koningschap.(3) Een vierde optie is dat twee van de matses de tweewekelijkse broden vertegenwoordigen van Exodus 16:22, en dat de derde het speciale Pesach-brood voorstelt, wat het ‘brood van verdrukking’ wordt genoemd.(4) En als deze niet genoeg zijn om iemands verbeeldingskracht gaande te houden, dan is er hier nog één. Rabbijn Abraham Isaac Sperling suggereert dat de drie matses voor de drie maten fijn meel staan die Sarah bereidde voor de engelen die bij Abraham op bezoek kwamen (Genesis 18). De reden voor deze interpretatie is dat deze gebeurtenis volgens de rabbijnse traditie plaatsvond op de Pesach-avond!(5) Hoe kunnen wij van al deze verklaringen bepalen welke de juiste is? Of is er zelfs nog een andere?

Waarom wordt de middelste matse, de afikoman, in de loop van de Sedermaaltijd gebroken?

Breken wij de levieten, of Izak, of de kroon van profetie, of een stukje van de afikoman voor de gasten, of het brood van verdrukking? Of symboliseren we het splijten van de Rode Zee (nog een andere verklaring)?(6) Als één van deze verklaringen correct zou zijn, waarom wordt de matse dan verstopt, verborgen onder een kussen, en vervolgens eronder vandaan gehaald en door ieder gegeten, volgens het Sefardische ritueel “ter gedachtenis aan het Pesach-lam”?

Waar is onze Pesach, ons Pesach-offer vandaag?

De Thora schrijft voor dat elke Pesach een lam geofferd en gegeten moet worden, als een herinnering aan de eerste Pesach-lammeren die werden gedood (Deuteronomium 16:1-8). Het antwoord dat gegeven wordt (op bovenstaande vraag) is dat we zonder de tempel geen offers meer kunnen hebben – hoewel sommigen ervoor hebben gepleit dat het offer nog steeds in Jeruzalem gebracht kan worden, ook zonder de tempel.(7) Omdat het Pesach-offer net als andere offers de vergeving van zonden insloot, is het belangrijk dat we de juiste dingen doen. Sommigen denken dat Pesach niets van doen had met vergeving. Maar in Exodus Rabba 15:12 lezen we: “Ik zal Mij over u ontfermen, vanwege het bloed van Pesach en het bloed van de besnijdenis, en Ik zal u vergeven.” Nogmaals, Numeri Rabbah 13:20 citeert Numeri 7:46, waar het gaat om het zondoffer, en voegt eraan toe: “Dit was een toespeling op het Pesach-offer”. Het is duidelijk dat de rabbijnen van deze tijdsperiode de Pesach als middel tot verzoening beschouwden, en Leviticus 17:11 bevestigt dat: “want het is het bloed dat verzoening bewerkt voor de ziel”.(8) Vandaag aan de dag hebben we echter alleen een lamsbot, de zeroa, als herinnering aan het Pesach-offer, en een gebraden ei, de chaggiga, als herinnering aan de feestoffers. Maar God heeft nergens gezegd dat we nu van het offer af kunnen zien. Waar is dan onze Pesach vandaag?

Het antwoord op deze vragen kan gevonden worden door te onderzoeken hoe en waarom het vieren van de Seder zo drastisch is veranderd in de eerste eeuw.

De Seder gevierd door Jezus en Zijn discipelen

Het ‘Laatste Avondmaal’ was een Pesach-maaltijd en lijkt vrijwel dezelfde volgorde gevolgd te hebben als in de Misjna.

In de geschiedenissen van het Nieuwe Testament vinden we een verwijzing naar de eerste beker, ook bekend als de ‘beker van heiliging’ (Lukas 22:17); naar het breken van de matse (Lukas 22:19); naar de derde beker, de beker van de verlossing (Lukas 22:20); naar het zitten in leunende houding (Lukas 22:14); naar de charoset (een zoet gerecht) of naar de maror (bittere kruiden) (Mattheus 26:23), en naar het Joodse gebed (de Hallel) (Mattheus 26:30).

In het bijzonder wordt aan de matse en aan de derde beker een speciale betekenis gegeven door Jezus:

En Hij nam brood en nadat Hij gedankt had, brak Hij het en gaf het aan hen met de woorden: “Dit is Mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt. Doe dat tot Mijn gedachtenis.” Evenzo nam Hij ook de drinkbeker na het gebruiken van de maaltijd en zei: “Deze drinkbeker is het nieuwe verbond in Mijn bloed, dat voor u vergoten wordt.”
Lukas 22:19-20

Het Pesach-lam

De vroege Joden die in Jesjoea geloofden, beschouwden Hem als de vervulling van de Pesach-lammeren die elk jaar werden geofferd. Daarom schreef Paulus, een Joodse christen die onder de rabbijn Gamaliël had gestudeerd: “Want ook ons Pesach-lam is voor ons geslacht: Christus” (1 Korinthe 5:7). Johannes merkte in zijn evangelie op dat Jezus op dezelfde tijd stierf als de Pesach-lammeren die in de tempel werden geslacht (zie Johannes 19:14) en dat net als bij de Pesach-lammeren, geen van Zijn benen gebroken werden (van de anderen die gekruisigd waren werden de benen wel gebroken door de Romeinen (Johannes 19:32, 33, 36). De gedachte hierachter was dat, net zoals de Israëlieten uit de Egyptische slavernij werden bevrijd door een volmaakt lam, zo mensen nu bevrijd konden worden van de slavernij van de zonden door de Messias, het Lam van God.

Het einde van de offeranden in de tempel

De eerste christenen werden beschouwd als deel van de Joodse gemeenschap, tot het eind van de eerste eeuw, toen zij uit de synagogen werden verbannen. Tot de tempel werd verwoest, kwamen deze Messiaanse Joden regelmatig voor de eredienst samen met die Joden die niet in de Messias geloofden. Er waren in feite hele gemeenten die Jesjoea aanbaden, en zij bleven de geregelde Joodse feesten naleven. In zo’n situatie was er veel uitwisseling van ideeën mogelijk. Jezus gaf uitleg over de matse: “Dit is Mijn lichaam.” Omdat de Joodse gelovigen uit die tijd Jezus als het Pesach-lam zagen, volgde daaruit dat zij de matse als symbolisch voor Jezus, het Pesach-lam zagen. Met de verwoesting van de tempel en de beëindiging van de offeranden kon het achtereenvolgens gebeuren dat de grotere Joodse gemeenschap het idee overnam dat de matse ons deed herinneren aan het lam, zelfs als zij de symboliek van de Messias niet erkenden.

De ceremonie van de afikoman

Zoals al eerder gezegd, is het belang van de middelste matse en de daarmee verbonden ceremonie in mysterie gehuld. De herkomst van het woord afikoman zelf werpt er wat licht op. Het woord wordt gewoonlijk herleid naar het Griekse epikomion (woestijn) of epikomion (feestvreugde).(9) Maar Dr. David Daube, professor Civiel Recht aan de Oxford University, laat het afstammen van aphikomenos, “degene die is gearriveerd”.(10) Dit mysterie wordt verder ontrafeld wanneer men de opvallende overeenkomsten opmerkt tussen wat gedaan wordt met de middelste matse (afikoman) en wat er met Jezus gebeurde. De afikoman wordt gebroken, in een linnen doek gerold, verborgen en later teruggebracht. Zo werd ook Jezus na Zijn dood in linnen gewikkeld, begraven en drie dagen later weer opgewekt. Is het mogelijk dat de huidige asjkenazische praktijk waarbij kinderen de afikoman stelen, een rabbijnse weerlegging is van de opstanding, suggererend dat grafrovers het graf leeg hebben gemaakt?

Deze factors geven sterk de indruk dat de ceremonie van de afikoman door de grotere Joodse gemeenschap overgenomen was van de Joodse christenen, en ook het gebruik van de drie matses. Joodse christenen beweren dat deze drie matses de Drie-eenheid van God vertegenwoordigen, en dat de afikoman die gebroken wordt, en verborgen en teruggebracht, treffend Jezus de Messias symboliseert.

Dan blijft de vraag over: Wat is er nog nodig om u te overtuigen?

Rich Robinson

 

VOETNOTEN

1. Daube, David, The New Testament and Rabbinic Judaism (University of London, 1956), p.187.
2. Klein, Mordell, ed., Passover (Leon Amiel, 1973), p.69.
3. Rosen, Ceil and Moishe, Christ in the Passover (Moody Press, 19788), p.70.
4. Klein, p.53.
5. Sperling, Rabbi Abraham Isaac, Reasons for Jewish Customs and Traditions, (Bloch Publishing Co., 1968), p.m 189.
6. Ibid.
7. Klein, p.28.
8. Morris, Leon, The Apostolic Preaching of the Cross (Eerdmans, Third ed., 1965), pp. 131, 132.
9. Gaster, Theodor Herzel, Passover: Its History and Traditions (Abelard-Schuman, 1958), p.64.
10. Daube, “He That Cometh” (London Diocesan Council for Christian-Jewish Understanding, no date).